vorige logische pagina | homepagina (zonder frames) | homepagina (met frames)
Laatst aangepast op 29 aug. 2000
Electronic mail, e-mail of elektronische post: hiermee verstuur je vanop je computer berichten naar andere computergebruikers die, net zoals jij, daarvoor ook over een eigen e-mail-adres beschikken.
Zelfs al heb je zelf geen eigen e-mail-adres dan kan je toch een e-mail-bericht versturen (vergelijkbaar met een fax of telex laten versturen, ook al heb je zelf geen fax, noch telex-apparaat).
Om e-mail te ontvangen heb je wel een e-mail-adres nodig.
Je e-mail-adres is een elektronisch adres dat uiteraard uniek
moet zijn voor de hele wereld. Zo'n e-mail-adres bestaat in de regel uit twee delen, gescheiden door een @-teken (uitgesproken als "at"; ook apenstaart, apenkrol of krolle-a genoemd; de Fransen noemen dit teken "arobase").
Het eerste deel van een e-mail-adres is een user-naam (voorbeeld: lucas.decocker) waarbij eventueel meerdere delen van elkaar ondescheiden worden door een punt (vaak "dot" genoemd).
Sommige providors leveren nogal kryptische namen af met o.a. cijfers en intialen door mekaar gemengd. Hou er rekening mee dat een e-mail-adres perfect juist moet ingegeven worden. In het internet zit nog geen intelligente postbode die verkeerd geadresseerde brieven toch netjes in de juiste bus komt deponeren!
Het tweede deel van het e-mail-adres bevat de naam
van de computer waarop je e-mail in eerste instantie terecht komt,
voorbeeld: hogent.be (ook hier worden verschillende delen van mekaar gescheiden door een punt).
Het totale e-mail-adres wordt dan: lucas.decocker@hogent.be
Een e-mail-adres kan je verkrijgen bij je INTERNET-PROVIDER (een bedrijf dat een permanente verbinding met het internet heeft) of gratis (omwille van de toegestuurde reclameboodschappen) via een ander bedrijf dat op het Internet actief is.
Bij e-mail hoeft je correspondent niet aangelogd te zijn op het internet op het ogenblik dat jij je bericht naar hem verstuurt. E-mail werkt namelijk als een poste-restante systeem.
De hele procedure van versturen en ontvangen van een e-mail berichtje verloopt als volgt:
Een e-mail-boodschap bestaat in de regel minstens uit twee grote delen:
Vaak wordt er nu ook een ATTACHMENT aangehecht aan de e-mail. Je kan dit dan beschouwen als een derde deel van de e-mail.
De header bevat meestal volgende velden:
De body: bevat uiteraard de boodschap zelf. Deze bestaat naar goede gewoonte uit een aanspreking, de kern van je verhaal, een afsluitzin en best ook nog eens expliciet het e-mail-adres waarop jij terug te bereiken bent.
Als je een attachment insluit, doe je er goed aan om in de body van je boodschap zeer duidelijk te vermelden met welk programma en met welke versie je attachment aangemaakt is. Dit kan onmisbare informatie zijn voor je bestemmeling om het atachment te kunnen openen en lezen.
Dit kan in principe gelijk welk type bestand zijn. Dit kan een tekstbestand zijn in één of andere tekstverwerkersopmaak (vb. WP-6.0 of Word-6.0), een bestand met een afbeelding (vb. Corel-draw, BMP, TIFF, WPG enz.), een bestand van een rekenblad (vb. Quattro-pro of Excel), een programmabestand .exe of bv. een lettertypebestand.et maakt echt niet uit.
Je kan ook vrij grote bestanden als attachment meesturen. Vooraleer je dit echter doet, verwittig je best je bestemmelingen dat een dergelijk bestand op komst is. Het binnenhalen van een dergelijk bestand kan behoorlijk wat tijd in beslag nemen en de bestemmeling kan zich daar dan op organiseren.
Er zit toch nog een addertje onder het internetgras i.v.m. het meesturen van grote bestanden. Sommige providors laten slechts attachments van maximaal 2 MB toe. Te grote bestanden worden gewoon afgebroken. Dus best even vooraf checken met je providor.
Via compressieprogramma's kan je het oorspronkelijk bestand als het ware samendrukken zodat het minder geheugenruimte in beslag neemt. Het doorsturen van een samengedrukt bestand neemt dan ook minder tijd in beslag. Je kan deze techniek natuurlijk alleen gebruiken als je correspondent dit samengedrukt bestand weer kan dé-comprimeren. Met spreekt nogal eens van zippen en unzippen in navolging van één van de marktleiders op dit vlak (WinZip).
Overdrijf niet met het insluiten van attachments! Als in het attachment alleen maar tekst staat dan hoef je dit niet steeds als echt apart attachment mee te sturen. Je kan het teksverwerkingsbestand dan beter meteen laten omzetten in "mail-tekst". Je bestemmeling hoeft dan geen conversies meer te doen.
Meer over werken met attachments
E-mail is een handig bijkomend communicatiemiddel naast een aantal reeds bestaande middelen zoals: de papieren brief, het telefoongesprek, de fax, een telex en het opsturen van een diskette. Om de voor- en nadelen van het medium e-mail goed te begrijpen kunnen we het best met een aantal van deze andere communicatiemiddelen vergelijken.
E-mail is het best te vergelijken met fax.
Gelijk met de fax heeft het gebruik van e-mail een aantal nadelen
Er zijn toch ook enkele zeer belangrijke verschillen tussen e-mail en fax:
E-mail is een nieuw medium. Elk medium heeft zo zijn eigen beleefdheidsregels. Een aantal van de "ongeschreven" gedragscodes van e-mail vormen de "etiquette" van het "net", vandaar...
Geef niet overal je nieuwe e-mail-adres door als je er niet 100 % zeker van bent dat je minstens om de twee dagen je e-mail ook zal nakijken! Je e-mail-postbus niet nakijken is als even onvergeeflijk als je andere post gedurende enkele dagen niet bekijken, zelfs niet eens sorteren.
Reageer ook ten laatste binnen de twee werkdagen op een e-mail. Al was het maar om te bevestigen dat je de mail gelezen hebt en dat je het onderwerp later wel zal behandelen.
Zet onderaan, in de body van je bericht, ook nog eens heel expliciet je volledige naam, telefoonnummer en e-mail-adres waarop je normaal te bereiken bent (tenzij je er 100 % zeker van bent dat de bestemmeling u maar al te goed kent).
Als je meer dan één onderwerp via e-mail wenst te bespreken met dezelfde bestemmeling dan maak je best evenveel e-mail-berichten als er onderwerpen zijn. Dit laat uw bestemmeling beter toe de afgehandelde zaken van de nog te realiseren zaken te scheiden.
Als je een e-mail stuurt naar verschillende bestemmelingen dan doe je er goed aan om in het bericht duidelijk te stipuleren van wie je reactie verwacht. E-mail blijft een persoonlijke one-to-one communicatie, ook al kan je gemakkelijk naar meerdere personen hetzelfde bericht sturen. Hou er rekening mee dat een groep geen verantwoordelijkheid kan nemen, alleen individuen, al dan niet gedelegeerd door de groepsleden, kunnen dat.
Bij gewone e-mail heb je maar één lettertype en één lettergrootte bij de hand. Onderstrepen hoort in de regel ook niet tot de mogelijkheden. Daarom durven beginnelingen wel eens een aantal WOORDEN IN HOOFDLETTERS TE TYPEN OM DE BELANGRIJKHEID VAN DIE PASSAGE TE BEKLEMTONEN. Doe dit niet (te vaak) want dit staat binnen de internetgemeenschap gelijk met SCHREEUWEN!!! tegen je correspondent.
Vermijd onnodige attachments. Voor elk type attachment heeft je correspondent namelijk het overeenkomstige programma nodig om het attachment te kunnen lezen (een vieuwer of desnoods hetzelfde programma waarmee het attachment oorspronkelijk is aangemaakt). Als je dus het betreffende bestand zonder veel kwaliteitsverlies als mail-tekst kan doorgeven, sluit het dan op dienmanier in je e-mail in.
Pronk vooral niet met het feit dat je de allerlaatste versie van een tekstverwerker of rekenblad hebt door een attachment mee te sturen dat alleen met de laatste versie van dat programma te lezen is. In 99 % van de gevallen kan je bestand rustig opgeslagen worden met het bestandsformaat van een oudere versie zonder enige wezenlijke functionaliteit te verliezen. Dit betekent concreet dat je bv. WP-bestanden pas als attachment meestuurt als je ze opgeslagen hebt als een WP-5.1 document. Word-documenten sla je eerst op als een WORD-2.0 document vooraleer ze als attachment aan een e-mail toe te voegen en Excel bestanden schrijf je niet hoger dan 5.0 uit. Hou er trouwens ook rekening mee dat het internet een cross-platform toepassing is waar bv. ook veel bestemmelingen met een UNIX of APPLE-machine werken. Deze mensen gebruiken hoe dan ook veel minder de traditionele IBM-compatibele of Microsoft pakketten.
Opmerking: In de meeste web-browsers zit een e-mail-functie ingebouwd. Je hoeft echter geen dergelijk uitgebreid programma te hebben om alleen maar e-mail berichten te verzenden en/of te ontvangen (de courante web-browsers draaien niet meer onder DOS en hebben minstens 8 MB aan RAM-geheugen nodig). Toch kan je nog steeds via DOS of met "lichte" Windows-3.x, Apple of Unix programma's e-mail berichten versturen. Eudora-light en Pegasus Mail zijn twee dergelijke, veel gebruikte programma's.
Het basisprotocol van e-mail is SMTP (Simple Mail Transfer Protocol) maar het wordt meer en meer vervangen door het krachtiger MIME (Multi-purpose Internet Mail Extensions).