Door het huwelijk van ene Maria Teresa van het Prinsdom van Massa-Carara met prins Ercole Rinaldo, kwamen Massa en Carara onder het gezag van de Hertog van Modena. We spreken 1735.
De Hertog zag zijn gebieden aan de kust en deze rond Modena gescheiden door een dubbele bergenrij: de Tosco-Emiliaanse Appenijnen en de Alpi Apuane en het verlangen de twee door een weg te verbinden leidde tot één van de meest stoutmoedige bouwprojecten van die tijd: de constructie van een weg over de Appenijnen in San Pellegrino en over de Passo della Tambura (1670m).
Het project werd in 1738 toegewezen aan Domenico Vandelli, beroemd wiskundige en ingenieur.
Door de moeilijkheidsgraad en de oorlogsverrichtingen tijdens de Oostenrijkse afscheidingsoorlog, kon het werk pas worden afgerond in 1751.
Het resultaat was niet wat de opdrachtgevers hadden gewenst: ondanks het inzetten van een groot aantal werklieden en alle technische hulpmiddelen van die tijd, konden op het appuaanse stuk nooit wagens of karren rijden wegens het stijgingsprecentage en de aanwezigheid van een groot aantal scherpe bochten. Bovendien was de weg gedurende een groot gedeelte van het jaar ondergesneeuwd.
Het werd nooit de vitale verkeersader waarvan de Heren van Modena hadden gedroomd.
Reeds halfweg de 19de eeuw was de weg in onbruik geraakt; bovendien werd de streek onveilig gemaakt door dieven en rovers die, gezien de afzondering van deze eenzame en onherbergzame streek, de reizigers beroofden en soms vermoordden.
Toch rezen langs de weg ook een aantal pleisterplaatsen op zoals Resceto en talrijke 'casoni', waar men wat kon eten en drinken.
Tussen Resceto en de Passo is het niveauverschil 1100m over nauwelijks 6km, waarvan 700m zigzagpaadjes. De zuivere stenen muurtjes die het wegdek op ingenieuze manier ondersteunen, werden voor het merendeel op deskundige wijze gerestaureerd en de wandelaar beschikt er over een werkelijk schitterend  wandelpad. Een nutteloos en prachtig bouwsel.
Vanuit Massa vertrekt 's morgens (om 7uur) een bus naar Resceto. Glashelder drinkwater neem je mee van bij het fonteintje aldaar.
In een paar uur ben je boven. Hoewel naar bergwandelaarsnormen een autostrade, is deze wandeling van een uitnemende schoonheid.
In de bar(?!) kan je achteraf bij een cappuccino nog praten met de ongetrouwde zonen van Resceto die niet, zoals hun broers en zusters, uitzwierven over het continent; om een of andere reden zijn er geen ongetrouwde dochters (meer?) te bespeuren.
Op de terugweg met het busje zie je het riviertje voortsnellen over zijn marmeren bedding.